Fauna en flora

Zeldzaam boswitje waargenomen in Silsombos

Op 15 juli hebben enkele natuurstudiespecialisten het Boswitje in het Silsombos waargenomen. Het boswitje is een in Vlaanderen uiterst zeldzaam dagvlindertje, dat pas sinds 1992 weer in ons land wordt waargenomen enkel op of bij de St. Pietersberg in Zuid-Limburg. Het is een klein , frèle vlindertje met een zeer dus lijfje, uit de familie van de witjes. De vleugels zijn aan de uiteinden sterk afgerond en ca. 20 mm lang. Het boswitje houdt van vochtige, warme kalkgraslanden en ruigten bij bos en struweel., iets dat de soort veelvuldig vindt in het Silsombos. Vlinderbloemigen als Veldlathyrus, wikke, Gewone rolklaver en Moerasrolklaver, zijn de voedselplanten van het Boswitje.

Op de Vlaamse Rode Lijst staat de soort in de categorie met uitsterven bedreigd. De voornaamste oorzaken van het verdwijnen van het Boswitje in Vlaanderen en daarbuiten waren de vermesting van schrale graslanden door de intensivering van de landbouw en een verandering in het bosbeheer waardoor mantel- en zoomvegetaties verdwenen. Op kalkgraslanden zorgde het achterwege blijven van beheer ervoor dat de vegetatie te dicht en te hoog wordt, waardoor de waardplanten zich niet meer in de geschikte omstandigheden bevinden voor de eiafzet.
Een geschikt beheer (zoals het gevoerde beheer in het Silsombos) moet zorgen voor een vrij open vegetatie aan bosranden of op brede bospaden waarin de waardplanten boven de overige vegetatie uitsteken en gemakkelijk bereikbaar zijn voor de eiafzet. Deze situatie kan bekomen worden door een extensief begrazingsbeheer, maar aangezien de vliegplaatsen in Vlaanderen hiervoor te klein zijn, kan best een gefaseerd maaibeheer toegepast worden zoals ook in het Silsombos gebeurd. (Bron INBO)

Het feit dat de soort opduikt in het Silsombos is het bewijs dat het natuurbeheer door Natuurpunt en het Agentschap voor Natuur en Bos - met de steun van de gemeenten Kortenberg en Kampenhout en de Provincie Vlaams-Brabant - in het Silsombos een levensnoodzakelijk verschil maakt voor de biodiversiteit! Het opduiken van het Boswitje in het Silsombos is op z‘n minst even bijzonder te noemen zoals o.a. de nieuwe orchideeënsoorten die er zich de laatste jaren opnieuw manifesteerden.

Hoe meer buren, hoe meer vreugd

Biodiversiteit in de tuinBiodiversiteit – kort voor biologische diversiteit – zou u kunnen omschrijven als de natuur in haar optimaalste vorm. Een bos met één soort bomen, een paar vogels en insecten is óók natuur, maar zo veel rijker is een complex met vijftien boomsoorten, dubbel zo veel planten in de kruidlaag, tientallen soorten insecten, zwammen en de vele vogels en zoogdieren die zich ermee voeden. Rijker maar ook nuttiger, interessanter. Dankzij biodiversiteit beschikken we over een uitgebreide waaier aan voedsel, energiebronnen, geneesmiddelen (zowel traditionele als moderne), wordt ons water gefilterd en onze bodem vruchtbaar gemaakt, geraken onze fruitbomen en andere gewassen bestoven, krijgen we zuurstof om te ademen en komt minder CO2 in de atmosfeer terecht zodat het broeikaseffect afneemt.

Door verdroging van de bodem, overbemesting, al te intensieve exploitatie, versnippering van de resten natuurgebied, enz. krijgen veel dier- en plantensoorten het moeilijk. Of ze verdwijnen gewoon. Het gaat met andere woorden niet goed met de biodiversiteit in Vlaanderen. Als we het verlies niet stoppen, zagen we bij wijze van spreken de tak af waarop we zitten. Vraag is wat u als particulier aan verdroging, vermesting, versnippering e.d. kunt doen. Weinig, dat klopt, maar er zijn andere, zeer haalbare en eigenlijk wel aangename ingrepen die een grotere biodiversiteit in de hand werken en daardoor het verlies gedeeltelijk compenseren. Alle privétuinen samen zijn immers goed voor een meer dan aanzienlijke oppervlakte, en hoe natuurlijker we die inrichten, hoe beter voor de biodiversiteit. (Wat vanzelfsprekend geen alibi mag zijn om van overheidswege geen maatregelen te nemen om het verlies aan biodiversiteit tegen te gaan …).

Koester uw buren: de overheid in het offensief voor meer biodiversiteit
Meer biodiversiteit, het is gemakkelijker gezegd dan gedaan: hoe begint u eraan? In de provinciale campagne 'Je hebt meer buren dan je denkt' worden de verschillende leefgebieden in een gemeente aan hun specifieke koesterburen gekoppeld. De koesterburen zijn dier- en plantensoorten die het niet alleen moeilijk hebben door het doen en laten van de mens, maar die ook ‘aanspreken’ en bovendien symbool staan voor de unieke biodiversiteit van specifieke leefgebieden in een gemeente.
Dat een bepaalde slankpootvlieg op de lijst met bedreigde soorten staat, is niet minder erg dan de achteruitgang van de veldleeuwerik, maar die laatste is wel een soort die veel mensen kennen – en zién achteruitgaan. Elke Vlaams-Brabantse gemeente heeft een aantal te koesteren soorten geselecteerd uit een lijst met vogels, zoogdieren, planten, zwammen, vlinders … die relevant zijn voor haar grondgebied. De gemeenten die in dit project Koesterburen zijn gestapt, verbinden zich er o.m. toe een overkoepelende visie op biodiversiteit te ontwikkelen, inwoners te sensibiliseren en bestaande plaatselijke initiatieven te integreren. Wilt u weten welke soorten ùw gemeente koestert, neem dan een kijkje op www.koesterburen.be.

Goed, maar wat kan ik daar zelf aan doen?
• Als u al eens begon met geen pesticiden en kunstmest meer te gebruiken in uw tuin? Een natuurlijk evenwicht creëren en natuurlijke vijanden aantrekken voor plagen is niet alleen een duurzamere remedie dan allerlei producten sproeien, het schept automatisch meer biodiversiteit.
• Trek veelzijdig leven aan door de planten die u gebruikt. Er zijn soorten (bijvoorbeeld met enkelvoudige bloemen (= 1 rij kroonblaadjes, geen dubbelbloemige cultivars) die met hun nectar meer vlinders en andere insecten aantrekken dan andere. Denk ook aan plantensoorten waarmee rupsen zich voeden (pinksterbloem, look-zonder-look ...). Meer insecten (zweefvliegen, sprinkhanen, libellen) lokken automatisch meer vogels, amfibieën enz. die ze oppeuzelen. Vogels trekt u ook aan met heesters met stekels of doorns (meidoorn, sleedoorn), die hun een veilig onderkomen bieden. Soorten met bessen (lijsterbes, kornoelje, vlier) zijn nuttig om dieren onderweg, bijvoorbeeld trekvogels, van voedsel te voorzien. Streekeigen planten zijn uiteraard het best geschikt om inheemse fauna aan te trekken. U vindt ze op specifieke beurzen of ter gelegenheid van een verkoop van aangepaste, streekeigen soorten voor hagen, houtkanten, vogelbosjes …
• Durf structurele maatregelen te nemen in de tuin. Laat een stapel takken, snoeihout, bladeren enz. liggen waaronder kleine zoogdieren zich kunnen terugtrekken. Maai al het gras niet, zodat hier en daar vlinders kunnen verpoppen in de opgeschoten begroeiing. (Voor ‘verwildering’ hoeft u overigens niet te vrezen als u ieder jaar een ander plekje laat staan.) Creëer afwisseling in de tuin, structureer zowel verticaal (moslaag–kruidlaag–struiklaag–boomlaag) als horizontaal (gazon–border–vijver–fruittuin …) om kansen te geven aan zo veel mogelijk soorten die aan specifieke omstandigheden gebonden zijn. Nestkasten voor specifieke soorten en insectenkasten helpen uiteraard ook.
• Leg indien mogelijk een natuurvriendelijke tuinvijver aan, een ideaal toevluchtsoord voor kikkers, padden en salamanders maar ook voor poelslakken, schaatsenrijders, libellen …
• Geen plaats voor een tuin? Dan kunt u nog altijd met klimplanten (bosrank, kamperfoelie, klimhortensia) e.d. een ‘geveltuintje’ aanleggen, een groene zonwering of een groendak. Dat geeft naast meer biodiversiteit ook een betere thermische en akoestische isolatie.
• De hele tuin ondersteboven halen hoeft niet eens, want alleen al door bv. duurzame en milieuvriendelijke tuinmaterialen (zoals FSC-gelabeld hout of gelijkwaardig) te gebruiken werkt u elders in de wereld het voortbestaan van een rijke biodiversiteit in de hand.

Initiatieven steunen
• De achteruitgang en het herstel van de biodiversiteit volgen is geen nattevingerwerk. Een organisatie als Natuurpunt organiseert tellingen van o.m. vlinders, vogels en paddenstoelen. Neem eraan deel, zo helpt u het inzicht in fauna en flora van uw streek bijstellen als uitgangspunt voor te nemen maatregelen. Noteerde u wel eens een interessante waarneming bij het werken, wandelen of genieten in de natuur? Geef het door op www.waarnemingen.be.
• Neem eens deel aan werkdagen in natuurgebieden, samen met andere vrijwilligers. Het is gezellig, gezond en schept meer biodiversiteit.
• Bezoek opentuindagen en andere infomomenten om uw licht op te steken bij mensen met ervaring.
• Steek uw handen uit de mouwen tijdens de paddentrek: padden en amfibieën moeten in het voorjaar vaak verkeerswegen oversteken tussen hun overwinterings- en voortplantingsplek. De beestjes overzetten garandeert hun voortbestaan.
• Ga na welke maatregelen uw gemeente neemt om bedreigde soorten te beschermen en hoe u daartoe een steentje kunt bijdragen.

Meer informatie
www.velt.be
www.tandemweb.be
www.vlindermee.be
www.natuurpunt.be/nl/biodiversiteit
www.fsc.be
www.wwf.be
www.zonderisgezonder.be
www.koesterburen.be

Andere tips, bv. over geveltuintjes en andere milieuvriendelijke tuiniermogelijkheden, vindt u op de website van de provincie Vlaams-Brabant: www.vlaamsbrabant.be.

2010, het jaar van de biodiversiteit!

Samen werken aan biodiversiteit

Biodiversiteit betekent letterlijk de verscheidenheid van het leven op onze planeet. Spreekt men over biodiversiteit, dan spreekt men over planten, dieren, zwammen, micro-organismen maar ook over de leefgebieden waarin ze leven. Hoe meer variatie, hoe groter de biodiversiteit.

Biodiversiteit voorziet in heel wat basisbehoeften. Het zorgt voor een brede waaier aan voedsel, energiebronnen, beschutting en zelfs geneesmiddelen. Die worden bijvoorbeeld heel vaak gemaakt van planten. Verdwijnen die, dan zitten we met een probleem.

Maar biodiversiteit is meer dan producten alleen. Biodiversiteit doet ook van alles: water zuiveren, zuurstof aanmaken, de bodem vruchtbaar maken, het broeikaseffect verminderen, fruitbomen bestuiven enzovoort. Allemaal zaken waar een gezonde biodiversiteit voor nodig is. Men zou kunnen zeggen dat de leefomgeving ’leefbaar‘ is dankzij de biodiversiteit. De lokale biodiversiteit vergroten en in stand houden is dus een kwestie van de levenskwaliteit bewaken en zelfs verbeteren.

De provinciale campagne 'Je hebt meer buren dan je denkt' heeft tot doel om iedereen duidelijk te maken hoe belangrijk biodiversiteit is en om iedereen te laten kennismaken met de soorten die specifiek in de eigen gemeente voorkomen. In de campagne worden ze 'onze Koesterburen' genoemd. De koesterburen zijn dieren of planten om trots op te zijn. Ze wonen in onze gemeente en verdienen onze bescherming.

Voor Kortenberg zijn de volgende koesterburen geselecteerd: alpenwatersalamander, ijsvogel, fijngeschubde aardtong, hondskruid, grote muggenorchis, huiszwaluw, veldleeuwerik en sleedoornpage.

Wanneer in de leefgebieden, waarin onze koesterburen voorkomen, maatregelen genomen worden, beschermen we niet alleen onze koesterburen maar meteen ook andere soorten die in datzelfde leefgebied leven. Op die manier wordt er gewerkt aan de biodiversiteit en dus ook aan onze levenskwaliteit en die van volgende generaties.

Meer info: www.koesterburen.be

Vlindervriendelijk tuinieren!

Elk jaar tellen meer dan duizend gezinnen de vlinders in hun tuin. Door deze gegevens bijeen te leggen krijgen we een beter zicht op de situatie van de dagvlinders. Vlinders tellen is dus niet alleen leuk, maar ook erg nuttig. Dagvlinders zjin immers heel gevoelige beestjes, ze reageren snel op veranderingen in milieu en klimaat. Het zijn dus goede indicators voor de kwaliteit van ons leefmilieu.

Dagvlinders in nood
Helaas gaat het in Vlaanderen niet zo best met de dagvlinders. Bijna een derde van de inheemse soorten (19 van de 64 soorten) is uitgestorven en een ander derde is bedreigd.
Ook vlinders die vroeger in bijna elke zater, zoals Dagpauwoog of de Citroenvlinder, doen het erg slecht. Oudere mensen kunnen zeker getuigen dat het totale vlinders dat nog boven een wegberm of grasland vliegt, veel lager is dan vroeger.

De belangrijkste reden van deze achteruitgang is het intensieve gebruik van ons landschap. Landbouwgebieden zijn zeer grootschalig en intensief, met nauwelijks ruimte voor insecten zoals vlinders of bijen. Openbaar groen bestaat heel aak uit uitheemse beplantingen, waar voor onze vlinders niets te rapen valt. En de wegbermen worden zo vaak gemaaid dat insecten hun levenscyclus niet kunnen voltooien. Maar ook onze Vlaamse tuinen zijn meestal niet vlindervriendelijk. Bloemen zijn er meestal nog wel voldoende. Maar in een kortgeschoren gazon afgeboord met exotische planten, vinden vlinders geen planten op hun eitjes af te zetten.

Nochtans is het niet zo moeilijk om uw tuin vlindervriendelijk te maken. Uit de cijfers van de vorige tuinvlindertellingen blijkt dat in tuinen met veel vlindervriendelijke maatregelen 6 keer meer vlinders worden geteld dan in tuinen met enkel een kortgeschoren gazon.

Tips voor een vlindervriendelijke tuin:
1. Gebruik geen pesticiden: sproeistoffen doden niet alleen het onkruid of ongedierte, ze doden ook heel wat ander leven. Vogels die deze getroffen insecten opeten lopen bovendien het risico om vergiftigd te worden. Doe het daarom zonder. Beter voor uzelf, én voor het leven op u heen.

2. Vlinders houden van afwisseling. Zowel in de structuur van de tuin als in de hoogte van het gras. Laat daarom hier een daar een stuk ongemaaid, zodat vlinders er hun eitjes kunnen afzetten. Minder werk, en meer eten voor de vlinders. In het najaar kan u dit stuk best wel maaien om verruiging tegen te gaan.
Voorzie ook zones die wat langer blijven staan, zodat vlinders er kunnen verpoppen of de winter doorbrengen. Om er voor te zorgen dat uw tuin niet zou verwilderen, laat u volgend jaar best een ander plekje staan .Ook takkenhopen, hagen en houtkanten (liefst van inheems plantgoed) zorgen voor de nodige variatie en lekker warme hoekjes waar vlinders kunnen zonnen.

3. Niet alle bloemen bevatten nectar voor vlinders. Sommige bloeiende planten trekken meer vlinders aan dan andere. Houd daar rekening mee bij het aanplanten van uw tuin. Overweeg of u inheemse bloemen kan planten in plaats van exotische soorten. Informatie over nectarrijke bloemen vindt u in de brochure Vlinder mee! of op www.vlindermee.be onder tuintips.

4. Voedsel voor rupsen: Inheemse planten worden vaak als onkruid beschouwd. Nochtans vormen klavertjes, grassen en zelfs brandnetels het belangrijkste voedsel van veel vlinderrupsen. Wie die nauwgezet uittrekt, verwijdert dus ook het voedsel van de rupsen.
De meeste vlinders gebruiken maar één of enkele waardplanten. Laat dus van alles wat staan, of reserveer een afgelegen hoekje voor de vlinders. De waardplanten van een hele reeks vlinders vindt u op www.vlindermee.be onder Soorten.

U vindt alle informatie op de website www.vlindermee.be: er staan foto's van de meest voorkomende vlindersoorten, u leest er hoe u vlinders herkent en hoe u ze kan tellen en natuurlijk vindt u er ook het telformulier.

Wie op de hoogte wil blijven van het laatste 'vlindernieuws', kan zich inschrijven op de gratis maandelijkse e-zine vlinder.flits via http://www.natuurpunt.be/mijnnatuurpunt/Ezines.aspx

Meer info:
www.natuurpunt.be/vlindermee
www.vlindermee.be
vlinders@natuurpunt.be

Inheems en/of autochtoon plantmateriaal

Zaden van éénstijlige meidoorn. Foto IGOGaat u bomen, struiken of hagen aanplanten? Kies dan zeker voor streekeigen en indien mogelijk ook voor autochtoon plantmateriaal.

Streekeigen planten zijn planten die in een streek van nature voorkomen, of die om cultuurhistorische redenen typisch zijn voor een regio. Het plantmateriaal dat te koop aangeboden wordt, is echter vaak afkomstig uit het buitenland, waar de opkweek goedkoper is. Een zomereik is een streekeigen boom, maar de planten die in de handel verkrijgbaar zijn, zijn bijvoorbeeld afkomstig uit de Balkan. Alleen een streekeigen plant die een nakomeling is van planten die al duizenden jaren in een streek groeiden, noemt men een autochtoon. Een zomereik afkomstig uit de Balkan is dus niet autochtoon in Vlaanderen.

Autochtone planten zijn doorgaans beter aangepast aan ziektes, uitzonderlijke vorstperiodes, interacties met andere organismen,... . Ze hebben zich immers gedurende vele eeuwen aangepast aan onze lokale groeiomstandigheden. Aanplantingen van streekeigen soorten met niet-autochtone herkomst vormen zelfs een bedreiging voor de resterende autochtone populaties. Door de kruising van niet-autochtone en autochtone populaties wordt de genetische diversiteit van de planten beïnvloed waarbij heel wat specifieke aanpassingen verloren kunnen gaan. Het is dus wenselijk om zo veel mogelijk autochtoon plantmateriaal te gebruiken om de verdwijning van de biodiversiteit en daarmee de genetische verarming te voorkomen.

Vraag naar autochtoon plantmateriaal bij de handelaar waar u uw planten koopt. Om u hierbij te helpen, heeft INBO (Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek) een lijst opgemaakt van kwekers die aanbevolen herkomsten verhandelen. Tot deze aanbevolen herkomsten behoren ook verscheidene autochtone. Zowel de lijst van kwekers als de folder over aanbevolen herkomsten kunt u via het Contactpunt Bosbouwkundig Teeltmateriaal bekomen (http://contactpunt.inbo.be). Bij het plantsoen kunt u een ’document van de leverancier‘ bekomen. Dit garandeert u de gevraagde herkomst. Ook plantgoed met het label ’Plant van Hier‘ is autochtoon.

In 2010 startte het project ’Autochtone zaadoogst‘ in een aantal Vlaams-Brabantse gemeenten. Ook in Kortenberg ging de INL-ploeg (Intergemeentelijke natuur- en landschapsploeg) van IGO op pad. In de holle wegen en houtkanten oogsten ze bessen en zaden van o.a. autochtone hazelaars, veldesdoorns, meidoorns en sleedoorns. Alle zaden worden opgekweekt door een erkende boomkweker. Het plantgoed zal binnen enkele jaren beschikbaar zijn voor aanplant in onze regio. U hoeft hier niet op te wachten. Van sommige soorten is ook nu al autochtoon plantmateriaal van het West-Brabants District –het herkomstgebeid waar Kortenberg toe behoort- beschikbaar bij kwekers.

Regionaal Landschap Dijleland (RLD) vzw plant hagen, houtkanten en bomenrijen aan. Het gebruikt hierbij steeds zo veel mogelijk autochtoon plantgoed. RLD vzw plant ook aan in tuinen van particulieren, bij voorkeur op een landschappelijk interessante locatie. Door gebruik te maken van subsidies van de provincie Vlaams-Brabant en van de Vlaamse overheid (Ruimte en Erfgoed) kan het de kosten voor de eigenaar flink drukken. Meer info via 016 40 85 58 of info@rld.be.

Bij aanplantingen van hagen en houtkanten verdient de sleedoorn bijzondere aandacht als waardplant van de sleedoornpage, één van de Kortenbergse koesterburen. De vlinder legt de eitjes in de oksels van takken, waar ze overwinteren


Meer informatie
www.inbo.be
www.vbv.be
www.rld.be
www.plantvanhier.be

Lijst van inheemse boom- en struiksoorten in Vlaanderen

Wetenschappelijke naam
Nederlandse naam


Acer pseudoplatanus
Gewone esdoorn*

Fagus sylvatica
Beuk

Fraxinus excelsior
Gewone es

Pinus sylvestris
Grove den

Prunus avium
Zoete kers

Quercus robur
Zomereik

Alnus glutinosa
Zwarte els

Betula pendula
Ruwe berk

Betula pubescens
Zachte berk

Carpinus betulus
Haagbeuk

Cornus sanguinea
Rode kornoelje

Corylus avellana
Hazelaar

Crataegus monogyna
Eénstijlige meidoorn

Populus canescens
Grauwe abeel

Populus tremula
Ratelpopulier

Prunus spinosa
Sleedoorn

Quercus petraea
Wintereik

Rhamnus frangula
Sporkehout

Sambucus nigra
Gewone vlier*

Sorbus aucuparia
Wilde lijsterbes

Tilia cordata
Winterlinde

Tilia platyphyllos
Zomerlinde

Viburnum opulus
Gelderse roos


* soort wordt beter niet aangeplant (snelle spontane vestiging)




Inheemse boom- en struiksoorten met beperkt verspreidingsgebied in Vlaanderen Aanplanting slechts aan te raden na advies van het Agentschap voor Natuur en Bos

Wetenschappelijke naam
Nederlandse naam

Acer campestre
Spaanse aak

Berberis vulgaris
Zuurbes

Cornus mas
Gele kornoelje

Crataegus sp., behalve monogyna
Meidoorn

Euonymus europaeus
Wilde kardinaalsmuts

Hippophae rhamnoides
Duindoorn

Ilex aquifolium
Hulst

Juniperus communis
Jeneverbes

Ligustrum vulgare
Wilde liguster

Malus sylvestris spp. Sylvestris
Wilde appel

Mespilus germanica
Mispel

Myrica gale
Wilde gagel

Prunus padus
Vogelkers

Populus nigra
Zwarte populier

Rhamnus cathartica
Wegedoorn

Ribes sp
bessen

Rosa sp
rozen

Salix sp
Wilgen

Sambucus racemosa
Trosvlier

Sarothamnus scoparius
Brem

Taxus baccata
Taxus

Ulex europaeus
Gaspeldoorn

Ulmus glabra
Ruwe iep

Ulmus laevis
Steeliep

Ulmus minor
Gladde iep

Footer